Ondervangen van het lerarentekort

04-06-2009 | Directie Kennis

Onder de eerste programmalijn vallen een aantal projecten en regelingen, die zich richten op het ondervangen van het lerarentekort.

InnovatieImpuls (po en vo)

Het naderende lerarentekort is een groot probleem. Innovatie is één van de middelen die kan bijdragen aan een oplossing. OCW werkt aan een regeling die scholen stimuleert om met behulp van innovatie het toekomstige tekort aan leraren tijdig te ondervangen: de InnovatieImpuls.

De regeling InnovatieImpuls stelt scholen in staat te investeren in innovaties die zorgen voor een effectievere inzet van leraren. Voor dat doel kunnen diverse innovaties worden doorgevoerd. Scholen kunnen bijvoorbeeld meer gebruik maken van ICT, ander personeel inzetten (onderwijsondersteuners), andere roosters gebruiken of samenwerken met andere scholen. 

Voorwaarde is dat deze innovaties niet leiden tot een hogere werkdruk voor leraren. Doel is juist om leraren meer ruimte te geven om zich te concentreren op hun primaire taak: het geven van onderwijs. Zo kan de kwaliteit van het onderwijs behouden blijven, ondanks het lerarentekort. Bovendien kan de arbeidstevredenheid van docenten worden versterkt.

Voorstellen voor experimenten
In het schooljaar 2010-2011 kan een groep scholen in het primair en voortgezet onderwijs gaan experimenteren met innovaties, die gericht zijn op een effectievere inzet van leraren.

Later dit jaar wordt de definitieve regeling InnovatieImpuls, met voorwaarden voor deelname aan de experimenten, op deze website gepubliceerd.

Kennisdeling
Met de experimenten kan worden onderzocht welk effect de innovaties hebben. De InnovatieImpuls gaat de kennis die wordt opgedaan (wat werkt en wat niet en waarom?) verzamelen en toegankelijk maken.

Financiering
De InnovatieImpuls ondersteunt de deelnemende scholen zowel inhoudelijk als financieel. In de zogenoemde FES-enveloppe voor kennis, innovatie en onderwijs is €20 miljoen gereserveerd om een groep scholen in het primair en voortgezet onderwijs de mogelijkheid voor experimenten te geven.

Planning
Later dit jaar wordt meer bekend over de definitieve regeling. De experimenten starten in het schooljaar 2010-2011.

Naar boven

Netwerkschool (bve)

De Netwerkschool is een ontwerp voor een organisatie (voor het bve), die zich voornamelijk richt op ‘efficiënter werken’ binnen het onderwijs. Met het doorvoeren van een aantal innovaties kunnen scholen veel efficiënter omgaan met tijd, geld en menskracht, stelt de Netwerkschool. Zo kan het lerarentekort deels worden ondervangen.

Voorbeelden van dergelijke onderwijsinnovaties zijn: een betere inzet van ICT, functiedifferentatie en samenwerking met het bedrijfsleven. De Netwerkschool brengt deze innovaties samen in één integraal model.

De Netwerkschool wil experimenten opstarten op maximaal 5 geselecteerde mbo-scholen. Deze scholen kunnen dan gaan werken met opleidingen die vormgegeven zijn volgens het Netwerkschoolmodel. Er is financiering aangevraagd voor het opzetten van deze experimenten. Na de zomer wordt besloten of er middelen worden toegekend.

Meer informatie

Naar boven

Netwerk Onderwijsinnovatie

Het Netwerk Onderwijsinnovatie wil de urgentie van het naderende lerarentekort bij scholen onder de aandacht brengen en hen inspireren de kansen te pakken die innovaties kunnen bieden.

Het netwerk is op verzoek van de minister en de staatssecretarissen van het ministerie van OCW opgericht. Het bestaat uit een zevental leden, die allen hun sporen hebben verdiend op het gebied van innovatie in de publieke sector. De leden  van het netwerk zijn: Alexander Rinnooy Kan, Henriëtte Maassen van den Brink, Kees Tetteroo, Frank Kalshoven, Joeri van den Steenhoven, Wiebe Draijer en Robbert Dijkgraaf.

Meer informatie

Naar boven